Wester-Amstel is één van de weinige nog overgebleven buitenplaatsen aan de Amstel en kent een bewogen geschiedenis (zie onder). Het 17e eeuwse buiten bestaat uit een monumentaal huis omgeven door een vrij toegankelijk park met een aantal tuinen, majestueuze lanen en intieme wandelpaden. Wester-Amstel is eigendom van de Stichting Lissone.

 

Het huis is in gebruik als kantoor bij het Groengebied Amstelland. Een vriendenstichting helpt de tuin te onderhouden en organiseert diverse activiteiten, zoals exposities, huisconcerten, literaire bijeenkomsten en (in de zomer) schilderen voor kinderen. Er is ook mogelijkheid van verhuur en er kan op Wester-Amstel getrouwd worden.

 

 


Bewoners

1625 - Vastert Joosten
1625 - Pieter Pauluszoon Hooft
1656 - 1662 Sijmon Schoonhoven
1662 - 1686 Nicolaas Pancras x Petronella de Waert
1714 - Jan Marcus of Andries Leenderts
- 1739 Maria du Faij x Gilles van der Voort
1739 - 1750 Hendrik Colonius
1750 - 1776 Adriaan Cromhout
1776 - Frederik Kaal
1776 - 1786 Jan de Neufville
1786 - 1792 Bernardus de Bie
1792 - mr Antonius Quirinus van Persijn
1900 - dhr Lissone
1989 - Groengebied Amstelland 

 

 

 



Geschiedenis tot 1700

Van ongeveer 1625 af kochten Amsterdamse kooplieden grond aan de Amstel. Eerst vooral om landbouwproducten voor de groeiende stad te leveren, later om er in de zomer met de familie te verblijven. 
In 1662 koopt Nicolaas Pancras twee, dicht naast elkaar liggende boerderijen. De boerderijen worden gesloopt en op de plaats van de ene wordt een nieuw huis gezet, hij doopt het bezit Wester-Amstel.
Het huis wordt een traditioneel ´langrompgebouw´ met een stenen voorhuis en een houten achterhuis (voor paarden en koets) maar wel met een verdieping erop, een luxe echte hofstede.
Het echtpaar Nicolaas Pancras en Petronella de Waert woonde deftig op de Herengracht.
Pancras was meer dan eens burgemeester van Amsterdam en heemraad van Amstelland en hij was lid van de Amsterdamse Kamer van de VOC. Hij behoorde later tot de belangrijke ´Heren Zeventien´.
Pancras overlijdt in 1678 en Petronella de Waert verkoopt in 1686 Wester-Amstel voor 16.000 gulden aan Jan Marcus die er tot 1714 plezier van had.
Tijdens de 17de en vooral 18de eeuw hadden veel Amsterdamse befaamde lieden een bezit aan de Amstel als zomerverblijf. Bijvoorbeeld burgemeester Burgh op Klein Kostverloren en de leden van de familie Hooft. Ze zaten allemaal aan de westkant waar de weg van Amsterdam ononderbroken, breed en redelijk onderhouden was.
Er was ook een jaagpad voor onder andere de trekschuit. De weg aan de overkant was smaller en onderbroken door kanalen. Daar stonden langs de Amstel ook maar weinig boerderijtjes, aan de relatief drukke westkant stond twee keer zoveel bebouwing.
 

 

Detail uit de kaart van de 'koopstad' amsterdam - 1723

 

 

1700-1900

De 18de eeuw

Jan Marcus verkocht Wester-Amstel na 28 jaar aan Andries Leenders voor 14.000 gulden.

Leenders bleef ruim 20 jaar de eigenaar. Andries Leenderts liet de buitenplaats na aan zijn enige dochter Anna Levina, gehuwd met Jacob du Faij. Hun dochter, vrouwe Maria du Faij en haar man, Gillis van der Voort, verkochten het op 5 oktober 1739 aan Hendrik Collonius voor 9.500 gulden.
Als Collonius de hofstede in 1750 weer van de hand doet aan Adriaan Cromhout voor 8.000 gulden benoemt hij het als 'een hofstede met deselfs heerehuijsing, speelhuijs, koetshuijs, stalling, tuinmanswoning' etc. met 18 morgen land en genaamd 'Wester-Amstel'. De prijs doet vermoeden dat het steeds slechter gaat, oorlogen en verkeerd uitpakken van speculaties en de duidelijke neergang van Amsterdam als handelsstad waren desastreus voor de buitenplaatsen aan de Amstel. De één na de ander werd gesloopt.
In 1776 kocht Frederik Kaal het buiten voor 7.750 gulden en Jean de Neufville, de buur van Wester-Amstel, verkocht aan Frederik Staal ´Zonnestein´voor 15.600 gulden en hij kocht van hem Wester-Amstel voor 6.000